Abraham (Paulus) de la Mar, directeur reclamebureau (Amsterdam 24-6-1858 - Amsterdam 15-4-1929). Zoon van Alexander de la Mar en Marianne de Vita. Hij trouwde in 1882 met Anna Sophia Colaço. Zij kregen een dochter en adopteerden een pleegkind . Hij is de stichter van het Reclamebureau Delamar te Amsterdam. Abraham werd begraven op de R.K. begraafplaats Buitenveldert.

(Het schilderij van Abraham is van de kunstenaar Bernard van Vlijmen)

Abraham de la Mar (1858-1929)

Abraham groeide op in een welgesteld gezin als enige jongen naast 5 jongere zusjes. Zijn ouders behoorden tot de Portugees Israelische gemeente. 

Hij trad al heel jong in de voetsporen van zijn vader, want hij ging, zoals hij, advertenties verkopen en breidde dat werk later uit tot het befaamde Reclamebureau Delamar.

Abraham trouwde op 23 augustus 1882 in Amsterdam met Anna Sophia Colaço.

In 1885 gebeurde er iets bijzonders. De inwonende dienstbode Geertruida Braudigom kreeg een dochtertje, dat ze Rika noemde. De vader was onbekend. Moeder Geertruida was vóór de bevalling weer bij haar ouders gaan wonen op de Laurierdwarsstraat 54, maar zij overleed al in 1890. Dochter Rika bleef in ieder geval tot 1892 bij opa en oma Braudigom wonen, maar daarna adopteerden Abraham en Anna het kleine meisje. Het volgende jaar werd hun eigen dochter Marianna Nicolette geboren en verhuisde het gezin naar Singel 362 in Amsterdam.

In 1903 werd pleegdochter Rika 18 jaar. Zij veranderde haar achternaam in Roghe.

Nog al wat Amsterdammers kozen als woonplaats de forenzengemeenten Bussum of Hilversum. Vader Alexander had dat gedaan en in 1912 verhuisden Abraham met zijn gezin ook naar Hilversum, naar de Nassaulaan 7 (later omgenummerd tot 21). Rika staat dan nog niet op hun gezinskaart maar in 1909/10 is dat wel het geval. Rika wordt op de kaart pleegdochter genoemd. Het gezin van Abraham woonde inmiddels weer in Amsterdam, maar in 1912 verhuisden zij terug naar de Nassaulaan 7 in Hilversum.

Op 1 maart 1893 werd Abraham directeur van het Nederlands Telegraafagentschap Reuter. Hij volgde zijn vader op, maar wilde dat werk alleen doen, als hij zijn reclamebureau mocht behouden.

"No sir, I don't!" Resoluut schudt Abraham zijn hoofd. Samen met zijn vader zit hij tegenover Herbert de Reuter, de directeur van Reuter's Telegram Company. "Nee, Ik ben niet geïnteresseerd om mijn vader op te volgen als directeur van Reuter's Nederland. Al meer dan tien jaar geef ik leiding aan een reklamebedrijf. Dat wil ik blijven doen." 
Reuter fronst zijn voorhoofd. Jammer, de jonge De la Mar lijkt hem een heel capabel persoon. Hij had er helemaal op gerekend. Hoe zal hij die eigenwijze man over de streep kunnen trekken? "En als u de reklame erbij blijft doen?", vraagt hij plotseling. Even blijft het stil in het kantoor. Dan gaat Abraham rechtop zitten. "Dat is een prima idee", zegt hij.

De Joden waren altijd een geisoleerde gemeenschap geweest. Joden waren een herkenbare minderheid en vermenging met b.v. christenen was in de achttiende eeuw nog ondenkbaar. Na de Franse Revolutie en de Verlichting begon het isolement langzamerhand te veranderen. Joden integreerden zich in de gemeenschap en ook bij hen trad secularisatie op. Ook stapten Joden over naar een andere kerkelijke richting. Rond 1900 werd het hele gezin van Abraham gedoopt in de Rooms Katholieke Kerk. Waarschijnlijk kiest Abraham dan zijn tweede voornaam Paulus.

In 1914 trouwde Rika Roghe met Willem Grollenberg. Het echtpaar zal 6 kinderen krijgen. In hetzelfde jaar, op 1 oktober, werd de persoonlijke firma omgezet in de NV DelaMar en Willem werd medevennoot.

Abraham kocht op de R.K. begraafplaats Buitenveldert in Amsterdam een dubbel familiegraf, eerste klas A78/79. Het was een voormalig priestergraf en de eerste die er in 1914 begraven werd was, heel verrassend, de voormalige dienstbode Geertruida Braudigom. Zij was in 1890 overleden en eerst begraven op begraafplaats 'De Liefde'. Ook een tweede dienstbode Christina Wilhelmina Maria Lobrij wordt hier later herbegraven. Zij was ongehuwd en overleed op de Nassaulaan 7. 

Dochter Marianna huwde in 1920 met Karl Salzmann en in de twee volgende jaren werden Paul en Annie geboren. Marianna overleed in 1925 op de leeftijd van 38 jaar. Zij werd begraven in het familiegraf.

Namens de paus kreeg Abraham voor zijn vele verdiensten op maatschappelijk en kerkelijk gebied de orde van Gregorius de Grote uitgereikt. In 1924 legde hij zijn werk bij Reuter neer en in 1928 trok hij zich om gezondheidsredenen terug uit het reclamebureau. Hij overleed in Amsterdam het jaar daarna op zeventigjarige leeftijd. Zijn echtgenote Anna Sophia werd tachtig jaar. Zij overleed in 1936. Beiden werden begraven in het imposante familiegraf, dat nog steeds bestaat.