Abraham de la Mar (1787-1869) 

Abraham de la Mar, commissionair (Amsterdam ong. 02-03-1787 - Amsterdam 15-08-1869) zoon van Masahod de la Mar en Rachel Mendes de Costa. Abraham huwde achtereenvolgens met Ester Lopes Colaço en Ester de Vita. Zijn nageslacht bestaat uit 17 kinderen.

Abraham leefde in een woelige tijd. Toen hij 8 jaar was, vielen de Fransen de Nederlanden binnen en ook in Amsterdam werd de vrijheidsboom geplant. Van 1806 tot 1810 leefde hij in het Koninkrijk Holland. Abraham was toen tussen 19 en 23 jaar. En toen hij 26 jaar was, werd Nederland weer zelfstandig en kwamen er weer andere wetten. Geen ideale periode om een bedrijf op te bouwen.

Hij huwde in 1812 met Ester Lopes Colaço, in 1814 werd het eerste kind, Maximiliaan, geboren.

Abraham was koopman op de beurs, commissionair dus. Hij adviseerde klanten op de beurs en bemiddelde bij de aan- en verkoop van effecten e.d. Hij voerde ook opdrachten uit voor eigen rekening. Rond 1850 werd giraal geld belangrijk en tussen 1850 en 1870 stegen de Parijse fondsen van 7 naar 45 miljard. 

 

In de zeventiende eeuw was Amsterdam de centrale wereldmarkt geworden voor hout, wijn en graan. De VOC en de WIC beleefden gouden tijden en ook de handel naar de Oostzee was erg winstgevend. De beurs voor deze produkten was oorspronkelijk in de openlucht bij de Nieuwe Brug (Warmoesstraat), maar al gauw bouwde Hendrik de Keijzer een beursgebouw op de hoek Dam en

Rokin, de 'Beurse van de Coopluyden', op de plaats waar nu de Bijenkorf staat. Bij de ene zuil werd tabak en bij een andere werden produkten verhandeld van de walvisvaart. Op dezelfde beurs werden later ook aandelen en obligaties verhandeld en Abraham had de wind mee. In de periode 1824 tot 1846 woonde hij o.a. op Prinsengracht 15, Herengracht 12 en 70 en had minstens één dienstmeid in huis.

In 1828 overleed zijn echtgenote en bleef hij achter met 9 kleine kinderen. Het oudste kind Maximiliaan was pas 14 jaar. Abraham was 42 en trouwde het volgend jaar met de 14 jaar jongere Ester de Vita, die voor zijn kinderen zou zorgen. Met haar kreeg hij nog eens 8 kinderen. Met familie De Vita zullen we overigens nog meer kennis maken. Maar liefst 4 kinderen van Ester's broer Aron trouwden met een De la Mar: Marianne, Salvador Henri, Haim Aron en Johanna huwden respectievelijk met Alexander, Mirjam, Rozette en nogmaals Alexander. 

Samen met zijn zonen Maximiliaan en Benjamin richtte Abraham in 1846 de Firma DE LA MAR en Co op. De firma handelde in fabrieksgoederen uit andere landen en voor het maken van herenkleding werd een Parijse coupeur aangesteld. Maar toen werd Maximiliaan ernstig ziek en na een maand werd de firma ontbonden. Na de begrafenis van Maximiliaan ging Abraham naar Parijs en sinds die tijd ging hij waarschijnlijk van zijn geld leven, want een beroep wordt niet meer vermeld. Zijn woning stond achtereenvolgens aan de Amstel, de Nieuwe Prinsengracht en de Kerkstraat.

Toen Abraham 71 jaar was, overleed zijn tweede echtgenote. Zelf stierf hij elf jaar later op 15 augustus 1869 en twee dagen later werd hij begraven op Beth Haim, heel verrassend naast zijn eerste vrouw.

"Ik ben de tachtig jaar gepasseerd, Herman. Ik heb een lang leven gehad en verdriet is mij niet gespaard gebleven. Twee echtgenoten zijn overleden, maar ik heb ook veel reden om de Allerhoogste dankbaar te zijn. Ik heb 17 kinderen op de wereld gezet en op de meesten kan ik trots zijn. Zo ben ik trots op jou. Vorig jaar werd Alexander directeur van Reuters Amsterdam en nu ben jij directeur van Reuters Brussel. Ik hoop dat het je goed gaat, jongen."

Op onderstaande grafkaart van Abraham staan al zijn kinderen met hun Joodse naam aangegeven:

Kinderen met zijn eerste vrouw:
Masahod (=Maximiliaan)
Hana Rachel
Benjamin (onderaan toegevoegd)
Salom
Jacob (de latere arts)
Semuel
(Hana 1824 ontbreekt)
Perla
Abigaël

Kinderen met zijn tweede vrouw:
Elisah (=Alexander)
David (de latere kunstschilder)
Mirjam
Aron (=Arnold)
Joseph
Rosa (=Rozette)
(levenloos kind=een movito)
Imanuel (=Hermanus)