Stonebrook

Alice kocht eind jaren 20 een compleet natuurgebied van honderden hectare aan beide zijden van de Newtown Turnpike in Weston, het liep van Country Store tot Cobbs Mill. Ze ontwierp haar eigen woning in Colonial Revival Stijl en liet het in 1930 bouwen op een gebied van bijna 9 ha. Het houten-frame-huis Stonebrook werd óver een beekje heen gebouwd (zie de 2 foto's linksonder). Later werd de woning aan de rechterzijde uitgebreid om haar steeds groeiende bibliotheek te kunnen huisvesten. Die boekenverzameling werd na haar dood gedoneerd aan de Weston Bibliotheek. Alice woonde elke zomer in Weston.

Het huis, van maar liefst 1525 vierkante meter, heeft 3 verdiepingen. Er zijn 4 slaapkamers en 5 antieke open haarden. Er is een eet/pubkamer met een tinnen bar van 400 jaar oud. De bar is afkomstig uit het cruiseschip Normandie en was daar 8 meter lang. Een ander deel van die bar is nu in het restaurant Cobbs Mill Inn. Op de begane grond is de de bibliotheek en zijn er 2 slaapkamers.

Op de eerste etage is de grote slaapkamer (7,5 meter lang) met 2 open haarden, 2 kleedkamers, een badkamer en een balkon. Er is ook een tweede slaapkamer met een bad. Op het laagste niveau is er een fitnessruimte met kleedkamer en is de wijnkelder voor 1000 flessen. Hier begint ook de zwemtunnel van 15 meter die uitkomt in het verwarmde buitenzwembad (20 x 10 meter, zie de 2 foto's rechtsboven). Unieke kenmerken van het huis zijn de ingelegde bakstenen vloeren en het bullseye glas in de vensters boven de interieurdeuren. 

Het genoemde zwembad, achter het huis, liet Alice vlak voor de Tweede Wereldoorlog bouwen, dat gevoed werd door een artesische bron. Op het terrein liggen nog steeds 8 originele molenstenen van de Cobbs Mill. Alice vulde haar huis met antiek gehaakt tapijtwerk met smyrna effect ('hooked rugs'), glaswerk, meubelen, kunstwerken en souvenirs van haar uitgebreide reizen. 

Na Alice' dood werd de woning verkocht aan familie Erikson. In 2004 stond het weer te koop. Familie Major werd de nieuwe eigenaar.

Het grondgebied 

 

Het bleek moeilijk te achterhalen hoe groot het grondgebied van Alice geweest moet zijn. Zij bezat een natuurgebied van enkele honderden hectaren, dat zich uitstrekte in de gemeenten Weston en Wilton. Het waarschijnlijke grondgebied is op onderstaande kaart aangegeven met een rode lijn, maar sommige bronnen denken dat het zich uitstrekte tot lijn A of zelfs nog verder. Op het grote terrein verbouwde Alice huizen en schuren tot woningen en liet er vrienden en kunstenaars wonen. De meeste kunstbeoefenaars zijn nu onbekend en ik noem er slechts een klein aantal. De getekende toestand is van rond 1953. Het grondgebied dat Alice zelf gebruikte, is aangegeven met groen.

1. Stonebrook (de eigen woning van Alice)

2. Huis bewaking
3. Huis bediening

Op Alice'eigen terrein lagen twee 3-kamer-cottages met garage, een studio-cottage, een plantenkas en enkele grote schuren(bovenstaande foto's). 

4. White House
Alice veranderde de slaapkamer boven in een studio met grote ramen voor de lichtinval. Hier woonde Tchelitchew nadat hij uit het Red House was vertrokken. Aan het eind van de vijftiger jaren liet ze haar Rode Kruis/vriendin Edith Taylor er wonen. Nu woont haar dochter Eve Chevalier hier. Zij erfde het huis bij de dood van Alice. 

5. Gray barn

Naast het huis staat een schuur. Alice verbouwde hem en er werd een hardhouten dansvloer aangelegd. Er kwamen toiletten, een badkamer en een keukentje. In de jaren veertig en vijftig werden er balletlessen gegeven door George Voladine, een Russische vriend van Balanchine. Soms gaf Alice er feesten. Die begonnen om 10 uur 's avonds en gingen door tot 6 uur 's morgens. En als er iemand wilde blijven slapen, er was zelfs een slaapkamer. 

6. Chauffeurswoning
Hier heeft Voladine een tijd gewoond. Oorspronkelijk was dit de garage van het White House. 

7. Red House
Vroeger was dit een korenschuur. Tchelichew woonde er voor zijn River House-periode, na 1945 woonde Edith Taylor er met haar 2 kinderen en nu woont haar kleindochter, Alice Chevalier, dochter van Eve, er. 

8. Huis van Angeli en later Hammond
Hier woonde kunstschilder Achille Angeli, die gehuwd was met Claire, een vriendin van Alice. Angeli schilderde voor Alice in New York en Palm Beach. Later woonde John Hammond hier. Hij hoorde bij de orgelfamilie, maar was zelf senior-executive bij Columbia Records. Nog later werd het huis bewoond door de secretaresse van Eva le Galienne met haar man. 

9. Huis van Mary en Stuart Benson
Deze oorspronkelijke boerderij was sinds de twintiger jaren in het bezit van Mary Benson, een goede vriendin van Alice uit de tijd in Frankrijk na de eerste wereldoorlog. Na 1945 woonde Mary in een vleugel van Stonebrook bij Alice en ging Benny Goodman in het huis wonen. Na de dood van Mary erfde Alice het huis. Stuart was beeldhouwer. Het beeldje in de bibliotheek van Weston is van zijn hand. 

 

10. River House
Bij de boerderij hoorde oorspronkelijk een schuur met watermolen, die in 1740 gebouwd werd over de Saugatuck River. De schuur werd tot woning omgebouwd voor Mary Louise ('Baby') Emmett. In 1939 kreeg Alice de woning en Tchelitchew woonde hier vaak 's zomers. 

 

11. Huis van Lincoln Kirstein
Dit is een modern huis uit 1954. 

 

12. Jacques DeWolfe
Hij verbouwde samen met Alice de Cobbs Mill (C) 

 

13. Huis van Schuster
Alice kocht het in 1963, maar verkocht het snel daarna 

 

14. White House
Hier stond oorspronkelijk de boerderij van de Eichingers. Hij was vuil en de ganzenpoep rook je ver in de omtrek. Alice wilde de boerderij en bijgebouwen kopen en restaureren tot woningen, maar Eichinger weigerde. Alice gaf een advocaat opdracht om de boerderij te kopen 'in opdracht van rijke Joden' en Eichinger trapte erin. Zo kwam Alice in het bezit van de westzijde/overzijde van de Newtown Turnpike. De boerderij en bijgebouwen werden omgebouwd tot woningen, het White House in 1951.

15. Gray Barn
Oorspronkelijk schuur van het White House van Eichinger. Alice verbouwde hem tot 2 appartementen boven elkaar. Dave Brubeck en zijn gevolg woonde er in de vijftiger jaren. De schuur werd nagelaten aan de schilderes Jean Jackson, zus van schoolvriendin Bettina Jones. Jean woonde er toen Alice overleed. In het andere appartement woonde Charles Edwards, de major domo van Alice. 

 

16. Smederij
Deze werkplaats werd in 1953 verbouwd tot appartement. Hier woonde Jean Chevalier, medeoprichter van Elle-magazine. Zijn vrouw Eve woonde met haar moeder Edith Taylor, aan de overzijde van de weg in het Red House(?) 

 

17. Woning van Buck en Dolly Crawford
 

18. Woning van Kalaski 
 

19. Woning van Balanchine
Balanchine was een beroemde balletchoreograaf. 

 

20. Woning van Swanson
Dit huis was nooit van Alice, maar zij bezat wel de landen eromheen.