Correspondentie aan David

Brief van de schilder Jozef Israels aan David. 23 mei 1867

Waarde Vriend, 
Uw brief benevens het schetsje heb ik wel ontvangen en zend het u hierbij ingesloten terug. Ik vind het heel mooi, maar het kind wou ik liever niet laten staan omdat ze dan alle beide staan. De moeder met het heele andere boeltje kan verbeeld ik wel heel mooi zijn. Maar ik zou het kind niet laten staan maar met een pot op de schoot en een lepel in de mond op de grond laten zitten -dit composeert beter, laat ook nog iets levens in het perspectief vertrekje. Het [xxxx[?] vertrekje waar men door ziet al is het maar een kat of een hondje. Het aan de andere kant geteekende schetsje begrijp ik niet zoo goed. Ik vind het ook niet zoo aangenaam en wat stijf een beetje zooals jij altijd doet, wat onaangenaam van lijnen en strompelig van effect. Gij kunt zeker nog wel meer [...] Zorg voor zuiverheid in de verf en niet zoo stinkerig en dik van smeerderij, dun, dun, dun, en op het licht hier en daar een zetje dik, dikke binnenhuizen zijn onaangenaam - lang teekenen voor ge begint en het prettig bij elkander arrangeren voor gij aan het verven gaat- als het geld u niet begroot is het altijd nuttig voor u om eens naar Rott. te gaan. 

 

 

Twee briefjes van de schilder Professor Carel Lodewijk Dake aan David
 

Dake was van 1892-1896 voorzitter van Arti. 
Waarschijnlijk zijn onderstaande briefjes in deze periode geschreven.

Amice, 
Om te beginnen mijn complimenten over je schilderij op de 3 jaarl.sche (het kleinste) Aangezien we een tentoonstelling in Dresden gaan houden (tegen Dec) zouden we gaarne een goed ding van jou er bij hebben. Denk daar eens om. Dit is een particuliere invitatie (geen kosten). 
Salut cordial 
Yours Carel L.Dake 

Amice, 
Zie hier de eerste f 50 van de f 150. Geef dus volgens afspraak het doekje aan brenger dezes mede en recommandeer hem nog eens voorzichtigheid bij het transport. Hij moet het naar de academie brengen. 
Salut cordial 
Carel L.Dake 

Brief van de schilder Nicolaas Basterd aan David

 

30 november 1891.
Basterd wordt gerekend tot de nabloei van de Haagse School en had dus een andere mening dan David.

Confidentieel 1.ste Parkstr. Zondag avond. 

Amice, 
Het is jammer dat ge geen gehoor hebt gegeven aan de oproeping om gisteren avond in Suisse te verschijnen: ge hebt kunnen horen wat eenigen bedoelen. Denk vooral niet dat eene beweging tegen Arti is; verkeerde voorstellingen zijn je daaromtrent verstrekt geworden. Waar het eene belangrijke quaestie geldt, en waar soms als ik het zoo noemen mag de eene partij tegenover de andere staat, daar gaat het toch niet aan dat iemand. die er eerst eenigzins is buiten gehouden, zegt: de partij, die het eerst bij mij komt, heeft mij gewonnen. Dan zou die iemand al heel onverschillig zijn.- Gij zijt nu in een moeilijk parket: ge zegt ge hebt u verpand bij de oudjes, maar ge hoort bij de jongeren. ls dit niet eene valsche positie? Gij zijt verkeerd ingelicht geworden. Maar kom nu morgen avond (Maandagavond) in 't Café Suisse, kamer No. 45. Doe dit ten minste om op de hoogte te komen van wat gaande is. Ge hebt u toch niet verpand om geene vergaderingen van de "andere" partij bij te mogen wonen. Ge zegt dat ge beide vergaderingen wilt bijwonen, en dat wordt goedgevonden. Ge hebt alleen maar te komen en te hooren....en te oordeelen voor jezelf- maar wees vooral niet bang voor de samenkomst van morgen avond (Maandagavond), want dit is niet in strijd met je verpanding Addio voor heden. In de hoop je dan te ontmoeten. 
Steeds t.a.v. N.Bastert 

 

Een schilderij waarop David staat afgebeeld. Het is in 1880 geschilderd door David Oyens. Je ziet op de afgebeelde fiches hoe het schilderij een aantal malen van titel veranderde en dat een van de eigenaren mevrouw Kate ter Horst (De engel van Arnhem uit Een brug te ver) was. Zij kreeg of erfde het van haar ouders.